Bussen van de STIL

Bij het ontstaan van de STIL in 1964 erfde de nieuwe maatschappij het wagenpark van haar twee voorgangers – de STILS (RELSE) en STIAL (TULE). In de eerste jaren van haar bestaan zouden de aangeschafte busreeksen meestal het ritme van afgeschafte tram- en trolleybuslijnen volgen.

In totaal kwamen 77 bussen van de STIAL en 27 bussen van de STILS over. Daarnaast erfde de nieuwe maatschappij nog zo’n honderd trolleybussen van de STIAL. De geschiedenis van deze trolleybussen wordt in een apart artikel behandeld. Al dit materieel werd in de remises van Jemeppe, Cornillon en Natalis gestald.

De bussen afkomstig van de TULE kregen een 1 voor hun oude nummer geplaatst. Dit omdat er anders dubbele nummers met de bussen van de RELSE zouden voorkomen. De meeste overgenomen bussen werden ook in de nieuwe livrei gebracht. Deze werd grijs, met een groene band onder de ramen (die naar de RELSE verwees).

Kleurenfoto's van de oudste Luikse bussen zijn redelijk zeldzaam. In 1969 staat de 167 op de Place St-Lambert. De bus zou het nog tot 1971 uithouden! © L. Bollen.

STIL 167

De eerste nieuwe bussen

De STIAL had in 1963 nog een reeks Mercedes-Benz bussen van het type O 317 aangekocht (reeks 196-230). De STIL plaatste nog een vervolgbestelling van twintig stuks die in de loop van 1964 in dienst kwamen (reeks 231-250). In tegenstelling tot de vorige reeksen kregen deze bussen opnieuw twee deuren. Het koetswerk werd bij Jonckheere opgebouwd. Het zouden de laatste Mercedes bussen worden die een Luiks stedelijk bedrijf zou aankopen. Ze zouden dienen om de laatste « gele trams » (afkomstig van de TULE) op lijnen 1 en 4 te vervangen. Deze reeks reed vanuit de remise Natalis.

STIL 247 op de Pont d'Avroy.

STIL 232

De STILS (en daarvoor ook de RELSE) was altijd een trouwe klant van Brossel geweest. In de stelplaats van Jemeppe kwam in de loop van 1963 nog een reeks van tien stadsbussen op het A99 DARVM chassis in dienst (reeks 81-90). De STIL plaatste ook hier nog een vervolgbestelling van tien exemplaren, die reeks 91-100 gaan vormen. Zoals de vorige reeks verzorgde Van Hool het koetswerk en kwamen ze in Jemeppe terecht.

STIL 97 in Jemeppe (Gare Routière). © L. Bollen.

STIL 97

Brossel en Van Hool

De nieuwbakken maatschappij was ook niet doof voor de roep van de zelfdragende bus die door Van Hool aangeboden werd. Deze constructeur had in 1963 zijn 420 H voorgesteld. Na de MIVA en MIVB besloot ook de STIL een reeks af te nemen. Deze vijftien bussen vormen de reeks 401-415 en vinden onderdak in de remise Natalis. Na hun komst worden de vijf Mercedes-Benz O 660H (reeks 175-180) afgevoerd.

STIL 411 op de Place de la République Française © L. Bollen.

STIL 411

Een derde reeks Brossel A99 DARVM/Van Hool bussen volgt in de loop van 1965. In 1966 komen de laatste Brossel A99 DARVM bussen in dienst. Deze reeks van 20 exemplaren krijgt een opbouw door Jonckheere. Beide reeksen (101-110 en 111-130) vinden onderdak in Jemeppe en Natalis.

De STIL 118 op de Place Saint-Lambert. © L. Bollen.

STIL 118

Brossel had in de tweede helft van de jaren zestig twee nieuwe chassis naar voor geschoven: BL51 en BL55 (waarbij het cijfer de asafstand weergeeft). Wellicht onder invloed van een aantal aandeelhouders komen in Luik twee reeksen Brossel BL55S te rijden. In 1967 kwam een reeks van 20 in dienst (326-345), gevolgd door een volgende 25 (346-370) in 1968-1969. Deze bussen kregen een koetswerk van Jonckheere. Ze worden in de stelplaats van Jemeppe ondergebracht. Hiermee kunnen al een aantal oudere Brossel A88 DLM reeksen (61-69) afgevoerd worden. Ze vangen ook de het afschaffen van de « groene tram » (Luik-Seraing-Haute-Flémalle) in april 1968 op [1].

De 328 komt aan op het busstation van Jemeppe (Pont de Seraing). © L. Bollen.

STIL 328

Samen met de laatste Brossel reeks stroomde ook een nieuwe zelfdragende reeks in. Speciaal voor het Luikse stadsbedrijf had Van Hool zijn 410-type ontwikkeld. Ook dit model kreeg een FIAT motor ingebouwd. Het ontwerp doet hoekig aan, en doet zo wat denken aan de Brossel BL55S reeksen.

Een eerste reeks van 40 stuks kwam in 1968-1969 in dienst (416-455). Ze vingen het afschaffen van trolleybuslijnen 20, 21, 22, 23, 29, 33 en 35 op. De bussen worden gestald in de remise Cornillon, die tot dan toe enkel trolleybussen onderdak verschaft had. Tegelijk kunnen al enkele van de oudste Mercedes-Benz neusbussen afgevoerd worden.

De 418 is op weg naar Laveu © coll. R. Jacobs.

STIL 418

De jaren zeventig

Aan het begin van de jaren zeventig was het grootste deel van het trolleybusnet en de daarbij behorende reeksen voor de bijl gegaan. Op nog overblijvende trolleylijnen (10, 11 en 12) zijn enkel nog de T.54 werkzaam. Hieraan zou echter ook een eind komen. Al in sinds april 1969 namen de autobussen de bediening over na 20uur, en op zondag zelfs de volledige dag.

In juni 1971 worden de eerste drie T.54 uit dienst gehaald. Vanaf 3 september 1971 nemen autobussen lijn 12 over. Omdat op dat ogenblik de tweede reeks Van Hool 410 nog in levering is, krijgt lijn 10 nog wat uitstel. Bij elke nieuwe levering van een dieselbus wordt een trolleybus uit dienst genomen. De laatste trolley op lijn 10 rijdt op 8 november de remise binnen. In de stelplaats Cornillon vinden we vanaf nu enkel nog maar bussen terug.

Maar in deze periode worden niet enkel trolleybussen afgevoerd. Tegelijk worden ook de oudere Mercedes-Benz 153-155 en 156-159 (O 321H) en de nog resterende « neusbussen » 161-174 (O 3500) afgevoerd in de jaren 1969 tot 1972.

In 1973 worden in Jemeppe ook de Brossel A88 DLM 76-77 afgevoerd.

De reeks 131-150 kreeg oorspronkelijk oude films. Daarom werd een deel van de filmkast afgeplakt. De 136 in Ougrée. © coll. R. Jacobs.

STIL 136

De remise Natalis verwelkomt in 1972-1973 een reeks van 20 Van Hool 409 bussen. Deze vervangen er de O 321H (153-159) en oudste O 317 reeksen (181-195). Het type koetswerk van deze reeks vinden we ook bij de MIVB (Brussel) en STIC (Charleroi) terug.

De combinatie Volvo/Jonckheere...

Begin jaren zeventig wil het ministerie van Verkeerswezen een nieuwe standaardbus introduceren. Het model dat we voor het eerst in Luik zullen zien is een verdere uitwerking van de vierkante koetswerken die eind jaren 1960 in ons land opdoken, en die overduidelijke Nederlandse roots hebben. En die zouden leiden tot de A120.

De STIL was het eerste vervoerbedrijf dat het nieuwe Volvo B59 chassis aankocht. Hierbij werd de motor achteraan geplaatst. En eerste reeks van 70 exemplaren vindt in 1974 onderdak in de remise Natalis. Jonckheere verzorgt het koetswerk van deze reeks 521-590.

Bus 537 op het eindpunt van lijn 20 in Cointe. © coll. J. Jandric.

STIL 537

Daarop wordt de reeks 131-150 (Van Hool 409) naar Jemeppe gemuteerd.

In de loop van 1976 volgt een vervolgbestelling van 70 exemplaren. Deze reeks, die net als de vorige door Jonckheere opgebouwd werd, krijgt ook een plaats in Natalis. Door de instroom van deze reeks 591-659 kunnen enkele oudere reeksen aan de kant geschoven worden: 196-230 en 231-250 (beide Mercedes-Benz O 317) en de eerste Van Hool-FIAT reeks (401-415).

... maar ook de Van Hool A120

Wanneer Van Hool in 1977 haar A120 model voorstelt, is de STIL er als de kippen bij om een bestelling te plaatsen. De 151 kwam reeds in 1977 proefrijden in Natalis. Hij werd in 1978 gevolgd door de rest van de reeks (151-235). Deze 85 bussen kwamen in Jemeppe te staan. Daar vervingen ze een groot aantal oudere Brossel-reeksen (91-100, 101-110, 111-130, 326-345 en ongeveer de helft van de reeks 346-370). Ook worden de Van Hool 409 (131-150) naar Cornillon gemuteerd.

Deze reeks A120 is ook de laatste reeks die in de oude STIL livrei geleverd wordt.

Op het busstation van Jemeppe wacht bus 161 zijn volgend vertrek op lijn 47 af.

STIL 161

Gelede bussen in Luik en het invoeren van de « Libre Service »

De STIL staat ook op het voorplan wanneer Van Hool in 1979 zijn gelede bus – de AG280 – voorstelt. Vooral lijnen 1 en 4 – die het Luikse centrum aandoen – kampten met overbezette bussen. Daar wou de STIL iets aan doen. Eind 1979 bestelt de maatschappij drie gelede bussen, die in mei 1981 geleverd worden. De reeks 701-703 komt in de remise Natalis te staan. Met deze bussen doet ook de nieuwe livrei van de STIL haar intrede. De daaropvolgende jaren zullen de meeste Volvo/Jonckheere en A120 in de nieuwe kleuren gebracht worden.

De inzet van de eerste gelede bussen beperkt zich meestal tot lijnen 1 en 4. © coll. R. Jacobs.

STIL 702

Ondertussen heeft de STIL in Robermont een terrein aangekocht waarop een nieuwe stelplaats met atelier gebouwd zou worden. Deze stelplaats zou de remises van Cornillon, Ste Foy en Natalis vervangen.

In 1981 bestelt de STIL een tweede reeks A120, ditmaal 110 exemplaren van het nieuwere A120/50 type. Vanaf oktober van dat jaar start de levering, die pas in februari 1983 afgerond is. De reeks komt in de stelplaats Cornillon terecht. Daar vervangen ze de twee reeksen Van Hool-FIAT 410 (416-455 en 456-520). Ook worden nog enkele Brossel BL55S uit de reeks 346-370 afgevoerd. Een negental Van Hool 410 werd nog naar Jemeppe overgebracht om er als uiterste reserve te dienen, maar werden kort nadien toch afgevoerd. Hieruit stamt museumbus 503.

In de loop van 1983 werden de eerste A120 uit de reeks 236-345 aangepast voor de Libre Service: er kon ook achteraan opgestapt worden. © coll. R. Jacobs.

STIL 246

Een deel van de A120 (uit de tweede reeks) werd in de loop van 1983 aan de Libre Service aangepast (236-258). Deze gingen op lijn 1 en 4 rijden.

De verdere jaren tachtig: op zoek naar de nieuwe stadsbus

Ondertussen was in maart 1983 de nieuwe stelplaats van Robermont in gebruik genomen. In maart 1983 werd het atelier Ste-Foy verlaten, gevolgd door de stelplaats Cornillon in mei. Pas in september zou Natalis ook gesloten worden. Al eerder was een deel van de Volvo’s (521-535) in Robermont terechtgekomen.

De Van Hool 409 131-150, die de laatste jaren enkel schooldiensten uitvoerden, worden in de loop van 1984 afgevoerd. In hun plaats komt een tweede reeks gelede bussen. Deze reeks 704-723 wordt tussen de stelplaatsen Robermont (704-715) en Jemeppe (716-723) verdeeld. In Jemeppe gaan ze op de lijnen 2, 3 en 27 rijden. In Robermont vinden we ze terug op de lijnen 1, 5, 6, 7, 10, 12 en 48. Na de komst van de gelede bussen in Jemeppe worden in juli 1984 de A120 228-235 vanuit Jemeppe naar Robermont gemuteerd.

Bus 718 op het eindpunt van lijn 3 te Flémalle Trixhes. Dit is één van de AG280 die in Jemeppe gestald werd. © coll. R. Jacobs.

STIL 718

Begin 1984 worden de A120 331-345 aan de Libre Service aangepast, gevolgd door 305-323 eind 1984, begin 1985.

In 1985 worden plannen gemaakt om een volgende reeks van 14 gelede bussen te bestellen. Ook zouden 26 standaardbussen besteld worden. Zo zouden 40 Volvo’s uit de reeks 521-590 afgevoerd kunnen worden. Ook daarom worden geen Volvo’s meer in de nieuwe livrei herschilderd, er wordt voorrang gegeven aan het herschilderen van de reeks 151-235.

Om de bestelling van de nieuwe standaardbussen voor te bereiden, komt de nieuwe Van Hool A280 ook proefrijden in de Vurige Stede. Aangekomen op 29.04.1986 te Robermont, verschijnt hij op 5 mei op lijn 4, later ook op lijnen 1, 7, 10, 12 en 48. Hij verlaat Luik op 30 mei.

We treffen de Van Hool A280 aan tijdens een testrit op de ringlijn 4 in mei 1985 © Tram 2000.

STIL 500

Uiteindelijk zou deze bestelling niet doorgaan. Wel komt een derde reeks gelede bussen (723-740) in dienst te Robermont. Daarop gaan de 712-715 naar Jemeppe, dat op haar beurt de A120 221-226 naar Robermont stuurt.

De 728 komt aan vanuit Oupeye (lijn 7) in de Rue de la Cathédrale. © coll. R. Jacobs.

STIL 728

In de zomer van 1986 worden terug wat bussen naar het Libre Service systeem omgeschakeld. Pas in januari 1987 worden de laatste A120/50 (295-303) omgebouwd. Nog in 1986 worden al een zevental Volvo/Jonckheere afgevoerd.

De 230 was één van de Van Hool A120 die vanuit Jemeppe naar Robermont gemuteerd werden. © R. Jacobs.

STIL 230

Vier Volvo/Jonckheere uit de reeks 591-659 worden in de loop van 1987 bij Jonckheere omgebouwd. Naast de uitstapdeur komt een speciale deur met een lift, zodat ook minder mobiele passagiers vervoerd kunnen worden. Vanaf 12 oktober 1987 gaan deze vier bussen - te weten: 600, 606, 625 en 653 - op lijn 4 rijden. Later komen daar ook ritten op lijn 18 bij. Ook enkele A120 uit de tweede reeks worden omgebouwd: de 250-274 krijgen een staplatform ter hoogte van de uitstapdeur.

Bus 606 is in mei 1989 op weg op lijn 4 in de Boulevard de la Constitution.

STIL 606

In 1988 verschijnt de A280 nog een keer in Luik, in september vertoeft hij enkele dagen in Jemeppe.

Als nieuwe stadsbus kiest de STIL in 1990 voor de Van Hool A600. Ze bestelt 90 stuks, als vervanging voor de oudste Volvo/Jonckheere reeks. Bus 401 wordt op 9 april 1990 voorgesteld. De levering komt vanaf september 1990 op gang. Al in oktober worden acht Volvo’s afgevoerd.

Bus 401 verplaat de Place St-Lambert op weg naar Coronmeuse.

STIL 401

Samenwerking met de Buurtspoorwegen en het einde van de STIL

Midden jaren tachtig worden de eerste stappen gezet naar de regionalisering van het openbaar vervoer. Het werd duidelijk dat in Luik de stedelijke bedrijven met de groep Luik van de Buurtspoorwegen zou samensmelten.

Een eerste stap in de samenwerking was het overmaken van enkele Volvo/Jonckheere bussen aan de NMVB in de loop van 1990-1991. Omdat het NMVB atelier van St-Gilles niet geschikt was om herstellingen uit te voeren, kwamen enkele bussen voor herstelling al terecht in Robermont. Vanaf september 1990 leent de STIL de Volvo/Jonckheere 657, 658 en 659 aan de Buurtspoorwegen uit omdat deze laatste met een materiaaltekort zat.

Deze 2687 is de ex STIL 657, die als eerste richting NMVB ging. Luik Place St-Lambert, maart 1991.

STIL 401

Uiteindelijk zouden 39 Volvo's de oversteek wagen. De NMVB nummert ze als reeksen 2687-2699 en 2736-2761. De meeste blijven in Luik rijden, maar enkele exemplaren worden naar Luxemburg gemuteerd. Bekijk de reekslijst voor een overzicht.

In november 1990 smelten de stedelijke bedrijven van Luik en Verviers samen om zo de SELV te vormen. Vanaf 1 januari 1991 is het deze maatschappij die bussen in dienst neemt en afvoert. Begin 1991 is de levering van de A600 reeks nog altijd gaande, en volgt het afvoeren van de Volvo’s hetzelfde ritme.

Na het opgaan van de groep Luik en de SELV in de nieuwbakken TEC Luik-Verviers krijgen de meeste Volvo’s hun oude nummers terug. Ze blijven in de meeste gevallen wel werkzaam in buurtspoorwegstelplaatsen. Het is TEC die de laatste Van Hool A600 uit de reeks 401-490 zal afnemen, die nog in de STIL livrei in dienst komen.

Noten en bronnen:

  • De tramlijn werd op 27 maart 1967 al ingekort tot de Place Général Leman en te Pont-de-Seraing op 30 november 1967. ^
  • Peeters, J. (2014). Openbaar vervoer in België 1960-1970. Mons: PFT-TSP.
  • Godeaux, J-G., Evrard, J., Lambou, M. (2001). Liège au fils des trolleybus. Liège: G.T.F. asbl.
  • Tram 2000 (1984-1991).
  • eigen documentatie

Dit kan je ook interesseren

Terug naar boven