Van Linjebuss tot Hansea

Met ongeveer 690 bussen in haar vloot en 1130 personeelsleden is Hansea de tweede grootste groep in België. Een deel hiervan is werkzaam in het openbaar vervoer.

Voor we verder gaan met het bedrijf, eerst wat geschiedenis

Linjebuss

Linjebuss, opgericht in 1940, voerde al vlug diensten uit in enkele steden in het zuiden van Zweden (o.a. Lund). Vanaf begin jaren 1980 kon Linjebuss zich door de vrijmaking van de openbaar vervoermarkt in Zweden diverse contracten voor stedelijke vervoersnetten in de wacht slepen. Nadien volgden ook overnames in Denemarken en Finland. Daarna zou België aan de beurt komen.

In 1997 werd Linjebuss voor CGEA overgenomen, maar bleef het zijn naam behouden. Hieruit werd in 1999 CGEA Transport AB gevormd, dat in 2000 naar Connex omgedoopt werd.

Linjebuss was trouwens vanaf de jaren zestig ook de invoerder van reserveonderdelen voor Van Hool in Zweden.

CGEA-Connex-Veolia

In 1911 richtten gebroeders Latil de « Compagnie Général d’Equipement Automobiles » (CGEA) op. Naast goederen begonnen ze ook passagiers te vervoeren, wat zeer lucratief bleek te zijn.

In 1980 werd het bedrijf overgenomen door de Générale des Eaux. Vanaf de jaren 1990 begon de CGEA zich ook in Europa uit te breiden. Niet enkel busmaatschappijen, maar ook diverse eerder geprivatiseerde ‘rail operators’ werden overgenomen. Zo werd in 1997 ook het Zweedse Linjebuss overgekocht.

In 1998 stond de Générale des Eaux aan de wieg van een nieuwe groep : Vivendi. Dit Vivendi werd in 2001 terug opgedeeld in Vivendi Environnement (VE) en Vivendi Universal (VU, waar o.a. de gekende filmstudio’s onder vallen). In 2002 deed Universal haar aandelen in VE van de hand, waarna deze in 2003 de naam Veolia aannam. Hiervan werd Connex één van de pijlers.

De opkomst van Linjebuss in België

Het begon in 1995 toen de Zweedse groep Linjebuss de Antwerpse exploitant De Polder (en zo ook De Duinen), met een actief van 150 bussen overnam. Deze overname werd door vele exploitanten met argusogen gevolgd. Om zijn activiteiten in België te groeperen richtte Linjebuss de nv Belgian Bus and Coach Company op, dat in 1996 tot Linjebuss Benelux nv omgedoopt werd.

In 1996 volgde een echte overnamegolf. In dat jaar werden kort na elkaar Heidebloem (54 bussen), Mebis, Melotte overgenomen. Met de overname van Van Pee en VBM begin 1997 verwierf Linjebuss een overwicht in Limburg. Gesprekken met Bronckaers liepen echter met een sisser af, waarna dit bedrijf door de Engelse groep National Express overgenomen kon worden.

In 1998 begon een tweede overnamegolf, waarbij Linjebuss, ondertussen overgenomen door CGEA, zijn activiteiten naar andere provincies uitbreidde. In Brabant werd zo De Voeght (18 bussen) overgenomen, gevolgd door Van Coillie, Katriva, Gruson en Yprabus eind 1998. Hiermee zette Linjebuss ook zijn eerste stappen in Wallonië.

In 1999 volgden dan ook Lefever, Verleyen, De Vos, Geenens, Autobus Georges en tenslotte Weyn & Zonen.

In 2000 werd Linjebuss Belgium omgedoopt in Connex Belgium nv, waarbij men nog steeds onder Connex Transport AB uit Zweden ressorteerde.

Nadien bleef het kalm op de overnamemarkt. Wel werden eind 2003 B&C en AMT (Peeters) overgenomen. Deze werden tot één bedrijf (B&C) versmolten. In oktober 2005 werd tenslotte ook het oude moederbedrijf van deze twee bedrijven - Reizen De Valk - overgenomen.

Medio 2006 nam Connex Belgium de nieuwe naam Veolia Transport Belgium aan.

Van Veolia naar Hansea

Na de fusie van Veolia Transport met TransDev besloot het bedrijf zijn Belgische poot van de hand te doen. Begin maart 2014 werden de Belgische bedrijven verkocht aan een combinatie van het Luxemburgse investeringsfonds Cube Infrastructure en GIMV (Gewestelijke Investeringsmaatschapij Vlaanderen). Deze bezitten respectievelijk 51 en 49 percent van de aandelen. In GIMV is de Vlaamse overheid voor 27% aandeelhouder. Het nieuwe bedrijf werd « Hansea » gedoopt.

Terug naar boven