Het Standaard II-type

Eind jaren vijftig zien we dat de Buurtspoorwegen het Standaard I model gaan aanpassen. De voorruit werd verbreed en zijdelings gebogen, waardoor de chauffeur een betere zicht op de weg had. Daarnaast werd de vloer hellend gemaakt, waardoor er voor de instap nog maar twee tredes nodig waren. Ook hier waren 90 à 95 plaatsen voorzien, waarvan 40 tot 44 zitjes.

Het Brossel A98 chassis

Het Brossel A93 chassis werd ingeruild ten voordele van het nieuwe A98 DAR type, dat een wielbasis had van 6 of 6,1 meter. Als motor werd de Leyland O680 met een vermogen van 154 pk voorzien. Deze werd achteraan ingebouwd.

Tijdens Expo '58 legden de Buurtspoorwegen enkele speciale diensten in. Lijn MH doorstreept verbond de expoterreinen met het Zuidstation, terwijl lijn BH doorstreept dit deed met het Noordstation. We zien bus 1652 en 1663.

NMVB 1652

Het nieuwe model beleefde zijn grote vuurdoop tijdens Expo '58. In de periode van 1957 tot 1963 werden maar liefst 656 bussen op deze manier gebouwd, dit door Jonckheere, Germain, Van Hool en de NMVB werkplaats van Hasselt. De laatste Brossel A98 DAR-reeks werd in februari 1963 geleverd.

Uit de laatste reeks Brossel A98 DAR/Jonckheere stamt deze 2463. We zien hem op de stelplaats van Asse, die ondermeer lijn AL (Brussel-Asse-Aalst) verzorgde.

NMVB 2463

In deze reeksen waren ook bussen voorzien volgens de 'NMBS-standaard', d.w.z. met meer zitcapaciteit. De NMVB was immers ook pachter van diverse vervangingsbuslijnen. Deze bussen kregen de typische groene NMBS-kleur.

Bus 2172 op de Luikse Place St-Lambert, uit de reeks 2105-2244. Germain (uit Marchienne-au-Pont) was voor de Eerste Wereldoorlog een autoproducent maar was nadien overgeschakeld op spoormaterieel, trucks en dus ook een eenmalige reeks bussen.

NMVB 2172
Tabel 1. De Brossel A98, A98L, A103 en CAP-reeksen.
ReeksOnderstelKoetswerkIn dienstGroep
1634-1673 Brossel A98 DAR/3 Jonckheere 1958 B
1674-1683 Brossel A98 DAR/3 NMVB Hasselt 1958 Lb
1687-1746 Brossel A98 DAR/3 Jonckheere 1958 B, NL, H, WV, Lg, A, OV
1750-1777 Brossel A98 DAR/4 Jonckheere 1958 H, NL, A, Lg, OV
1778-1819 Brossel A98 DAR/4 Jonckheere 1958-1959 OV, Lg, H, B, Lb, NL
1820-1849 Brossel A98 DAR/5 NMVB Hasselt 1959 Lb, Lg
1855-2029 Brossel A98 DAR/6 Jonckheere 1958-1959 alle groepen
2030-2039 Brossel A98 DAR/6L Jonckheere 1960 A
2040-2054 Brossel A98 DAR/6 NMVB Hasselt 1960-1961 Lb
2105-2244 Brossel A98 DAR/8 Germain 1961-1962 alle groepen
2245-2254 Brossel A103 DARH Jonckheere 1962 A
2255 Brossel A98 DAR/8 NMVB Hasselt 1960 Lb
2269-2338 Brossel A98 DAR/8 Van Hool 1962 alle groepen
2339-2348 Brossel A98 DAR/8L Van Hool 1962 A
2349-2358 Brossel A90 DARM Jonckheere 1962 B
2421-2446 Brossel CAP NMVB Hasselt 1961-1966 Lb
2447-2471 Brossel A98 DAR/8 Van Hool 1963 Lb, OV, B, WV

Bus 1831 op het kleine busstation van Riemst. Voorzetbordjes gaven meestal een variante of uitbreiding aan. In dit geval reed lijn 76 via Val-Meer.

NMVB 1831

Net zoals dat bij enkele reeksen Standaard I-bussen het geval was, bleven de NMVB ateliers van Hasselt bussen bouwen op Brossel chassis. Dit deed ze met drie reeksen A98 DAR-chassis. Deze NMVB Hasselt-reeksen reden enkel in de groepen Limburg en Luik.

Een speciale reeks waren de 2421-2446 van het type Brossel CAP. Om deze bussen te bouwen gebruikten de NMVB ateliers Brossel chassis die gerecupereerd werden van de reeksen 1037-1038, 1054-1078, 1104-1118, 1119-1138 en 1184-1236 (van het type A93 DAR). Deze ombouw gebeurde in 1961 en 1962 waarna de bussen in de groep Limburg ingezet werden. Dit was een van de enige reeksen bussen die een aparte instapdeur hadden voor de chauffeur.

Bus 2031 in Antwerpen, op een semi-directe dienst naar Turnhout. Deze stopte niet in Wijnegem, Schilde en Halle. Toen de bussen uit deze reeksen in 1976 afgevoerd werden, hadden ze elk meer dan een miljoen kilometer op de teller staan.

NMVB 2031

Daarnaast werden ook twee reeksen van elk tien bussen met een wielbasis van 6,85 meter (Brossel A98 DAR/L chassis) en een totale lengte van 12,80 meter in dienst genomen.

Deze langere bussen - waarvoor zelfs een speciale vergunning afgeleverd moest worden - reden enkel op de lijnen 41 (Antwerpen-Turnhout) en 60 (Antwerpen-Hoogstraten).

Tien bussen van het type Brossel A90 DARM - met een opbouw door Jonckheere - werden in de groep Brabant ingezet.

Het Brossel A103 DAR chassis had een semi-pneumatische voorophanging, terwijl achteraan de gewone bladveerophanging bleef. De tien bussen (reeks 2245-2254) deden dienst in de groep Antwerpen.

De 2358 - een Brossel A90 DARM/Jonckheere wacht nabij het Brusselse Noordstation zijn vertrek op lijn M richting Moortebeek af. Deze reeks had twee sets koplampen. © Coll. L. Bollen.

NMVB 2358

Rond 1960 zien we een ankerpunt in de politiek van de NMVB. De formule waarbij op een chassis een koetswerk kwam te staan, werd meer en meer verlaten ten voordele van zelfdragende constructies. Tegelijk zien we een opkomen van Van Hool als voornaamste leverancier van nieuwe reeksen.

Stadbussen

Op het einde van de jaren 1950 was een reeks Mercedes bussen met een Jonckheere opbouw in dienst gekomen. Een tweede reeks (1684-1686) vertoonde reeds de kenmerken van het standaard II model. Bij deze reeks was ook een Chevrolet LPG-motor voorzien.

Oorspronkelijk was het de bedoeling de volledige reeks 2055-2079 door Van Hool te bouwen, maar toch werden de 2055-2068 in opdracht van Van Hool door Jonckheere verder afgebouwd. We zien bus 2059 aan het Kortrijkse station.

NMVB 2059

In de jaren 1959 tot 1964 kwamen nog zeven reeksen Mercedes O 321H bussen in dienst. De opbouw gebeurde door Jonckheere en Van Hool.

Bus 2923 in Oostende.

NMVB 2923
Tabel 2. De Mercedes O 321H reeksen.
ReeksOnderstelKoetswerkIn dienstGroep
1684-1686 Mercedes-Benz
O 321H
Jonckheere 1957 WV
2055-2079 Mercedes-Benz
O 321H
Van Hool 1959-1960 WV, OV
2260-2268 Mercedes-Benz
O 321H
Jonckheere 1961 WV
2497-2532 Mercedes-Benz
O 321H
Van Hool 1963 WV, NL, A, H
2901-2910 Mercedes-Benz
O 321H
Van Hool 1964 A, WV
2911-2940 Mercedes-Benz
O 321H
Van Hool 1965 WV, A
2941-2970 Mercedes-Benz
O 321H
Van Hool 1964-1965 OV, WV, N

Ook in 1960-1961 kwam een reeks Büssing stadsbusjes in dienst. Ze waren voorzien met gescheide pneumatisch-hydraulisch bediende zelfregelde remmen.

De chassis voor deze reeks werden in licentie door de Ets. Caremans gebouwd, en kregen een opbouw door Van Hool. Ze werden tussen februari 1960 en januari 1961 in de groep Antwerpen geleverd. Deze stadsbusjes werden gebruikt op de stadslijnen van Mechelen. Hun uiterlijk deed denken aan de grotere Brossel streekbussen.

Soms ontsnapte een Büssing-stadsbusje toch even op een streeklijn, zoals deze foto van de 2085 bewijst.

NMVB 2085

De mechanische gangwissel gaf van meet af problemen. Al snel verkocht de NMVB enkele bussen. Zo belandde de 2094 bij exploitant D'Haese uit Overijse, die later opging in de groep De Decker. Deze bus kwam, na een grondige restauratie, bij het Vlatam terecht.

De Brossel stadsbusjes waren nog herkenbaar aan de plaatsing van de luchtkoeling. Busje 2544 is onderweg in Leuven.

NMVB 2544

Brossel leverde nadien in 1963-1964 nog een reeks van 35 stadsbussen op het A72 DAR chassis. De opbouw werd verzorgd door Van Hool.

Tabel 3. Overige stadsbussen.
ReeksOnderstelKoetswerkIn dienstGroep
2080-2104 Büssing TS 5H Van Hool 1960 A
2533 Brossel A72 DAR Jonckheere 1962 WV
2534-2569 Brossel A72 DAR Van Hool 1963-1964 B
Terug naar boven